Er waren drie wedstrijden gepland op de trainingsavond, trainingsgroepen waren gewaarschuwd dat de trainingen hierdoor in de verdrukking kwamen en scheidsen waren geregeld bij heren 3. VVM ’63 dames 1 was echter enkele dagen eerder uit de competitie genomen en De Boemel dames 4 had laten weten echt niet te kunnen op woensdag, waardoor VVW’s Dames 2 en 3 toch niet hoefden op te draven en alleen VVW heren 5 tegen 4 was overgebleven.
Ik had dit weekend gemaild, dat het dus toch weer helemaal anders zou worden. Henry zou met Armin overleggen wie er van heren 3 met heren 5 mee moesten spelen en omdat kwart over zeven voor sommigen aan de vroege kant was, had ik voorgesteld niet eerder dan acht uur met de wedstrijd te beginnen, met trainer Coen dan maar als scheids.
Merkwaardig genoeg geen voertuigen van de Sanquin Bloedbank te zien op het parkeerterrein en dat blijkt dan ook te kloppen. De bloeddonors hadden schriftelijk bericht gehad, dat de donatie verplaatst was van De Schelp (waar het al sinds jaar en dag altijd op de woensdag georganiseerd werd) naar De Dars, maar dat het ook verplaatst was naar de donderdag, had er niet ingestaan. Dit wordt me pas duidelijk nu ik de oproepkaart nogmaals bestudeer en deze als datum 31 in plaats van 30 maart blijkt te vermelden. Morgen dus.
Nou, dan ben ik mooi op tijd voor de wedstrijd, want het is nog geen half zeven, en overigens niet de enige donor, die zich in de dag heeft vergist. Ik heb alle tijd om het wedstrijdformulier in te vullen en tegen zevenen is Ivo de tweede, niet veel later gevolgd door Ko, die niet vaker dan éénmaal per week z’n mail wenst te lezen en in de Binding kwart over zeven had zien staan. We doen nog maar een koppie in de kantine en als de eerste mannen 5 komen binnendruppelen, proberen we ze wijs te maken dat ze te laat zijn en daarom al verloren hebben. De psychologische oorlogsvoering is begonnen.
Eindelijk tijd om om te kleden. Coen heeft een stille schaduw meegenomen, die hem volgt tot in de kleedkamer en doet denken aan een Fringe Observer. Pé is er ook en terwijl ik nog even denk, dat hij met heren 5 gaat meespelen, denkt hij dat hij de wedstrijd komt fluiten. Hij leest nooit mail en is er helemaal niet blij mee, dat hem weer hetzelfde kunstje is geflikt als afgelopen vrijdag (toen ik de aanvangstijden van heren 2 en 1 had verwisseld).
Henry en Piet vullen de vijf van 5 aan en wij zijn compleet, dus we gaan volleyballen. Coen gebiedt dat de flessen achter de bank moeten staan, voordat hij fluit voor de eerste opslag, Pé volgt het verloop van de wedstrijd vanaf de tribune en the Observer heeft stilzwijgen plaatsgenomen op de uiterste punt van de bank met kennelijk hetzelfde doel.
We beginnen ronduit slecht en hobbelen moeizaam achter de feiten aan. De mannen 5 draaien duidelijk beter en pakken een flinke voorsprong. Pas ver in de eerste set kruipen we langzaam dichterbij en we ten we wonder boven wonder de setwinst veilig te stellen.
De tweede set is zelfs nog een graadje erger. Lang lijkt het erop, dat Armins team het gewoon gaat winnen, hetgeen een sensatie en een blamage zou zijn geweest. Met meer geluk dan wijsheid weten we de set maar net onterecht voor hun neus weg te kapen met 24-26.
De derde en vierde set zijn niet veel beter. Heren 5 is gemotiveerd om ons te pakken te nemen en wij kunnen ons nauwelijks het vege volleylijf redden. We lijken toch wel mazzel te hebben met de arbitrage, want er vallen een paar punten naar ons toe, die we misschien niet echt helemaal verdiend hebben.
Het zit de mannen 5 dus niet mee en Coen is wel erg streng, want Armin wordt ook nog eens tot viermaal toe met het officiële handgebaar naar de stoel geroepen om een reprimande in ontvangst te nemen wegens vermeend ungentlemanlike behaviour binnen de gelederen. Valt toch reuze mee, denk ik zo, het is toch gewoon ons tegen ons op een trainingsavond, dus het had allemaal wel wat losser gekund, maar misschien had het ook met die mysterieuze Observer te maken.
We winnen dan uiteindelijk wel zonder setverlies, maar niet zonder gezichtsverlies, want dit was gewoon slecht, een Pyrrusoverwinning. Maar toch gewonnen. Ha! Anyway, we gaan douchen, de Observer posteert zich ook in de kleedkamer stoïcijns in een hoek, en dan doen we er nog eentje in de kantine, voor ik het voor gezien houd. Morgen weer te werk. En te bloedgeven, niet te vergeten.

